GLP-1 bijwerkingen uitgelegd: misselijkheid, verstopping en het zeldzame NAION-risico

Gepubliceerd op 11 maart 2026 om 22:37

GLP-1-medicatie zoals semaglutide (Ozempic, Wegovy, Rybelsus) en incretine-verwante medicatie zoals tirzepatide (Mounjaro; een duale GIP/GLP-1-receptoragonist) wordt steeds vaker gebruikt bij gewichtsverlies en metabole aandoeningen. Deze middelen kunnen veel mensen helpen om minder honger te ervaren, sneller verzadigd te raken en daardoor meer rust rondom eten te krijgen. Tegelijk is het belangrijk om te weten dat er ook bijwerkingen kunnen optreden. De meeste zijn mild en tijdelijk, maar sommige klachten vragen om snelle medische beoordeling.


In dit artikel lees je:

  • waarom GLP-1-(achtige) medicatie bijwerkingen kan geven
  • welke klachten het meest voorkomen
  • wanneer klachten nog passen bij gewone opstartverschijnselen
  • wanneer je extra alert moet zijn
  • wat er bekend is over de zeldzame oogaandoening NAION


Waarom geeft GLP-1 medicatie bijwerkingen?

GLP-1-medicatie beïnvloedt onder andere de eetlust, de verzadiging en de snelheid waarmee de maag zich leegt. Doordat de maag langzamer leeg raakt en het verzadigingsgevoel sterker wordt, kunnen in de beginfase klachten ontstaan zoals misselijkheid, een opgeblazen gevoel, minder eetlust, oprispingen of verstopping.3,5

Tegelijk speelt waarschijnlijk ook een centraal mechanisme in de hersenen een rol. GLP-1-receptoren bevinden zich onder andere in de hersenstam (area postrema), een gebied dat betrokken is bij misselijkheid en het braakreflexcentrum. Activatie van deze receptoren kan bijdragen aan het gevoel van misselijkheid8, vooral in de beginfase van de behandeling.

Deze klachten komen vaak vooral voor bij de start van de behandeling of na een dosisverhoging. Daarom worden GLP-1-(achtige) middelen doorgaans geleidelijk opgebouwd om bijwerkingen te beperken.3


De meest voorkomende bijwerkingen

De meest voorkomende bijwerkingen van GLP-1-(achtige) medicatie zijn maag- en darmklachten. Denk aan:

  • misselijkheid
  • diarree
  • verstopping
  • braken
  • een vol of opgeblazen gevoel
  • soms oprispingen of refluxklachten

Officiële productinformatie van onder andere semaglutide en tirzepatide noemt met name misselijkheid, diarree, braken en obstipatie als veelvoorkomende klachten.3,5

Bij veel mensen zijn deze klachten mild tot matig en nemen ze af naarmate het lichaam aan de medicatie went.


Waarom de eerste weken vaak het lastigst zijn

De eerste weken zijn meestal de fase waarin bijwerkingen het duidelijkst merkbaar zijn. Dat betekent niet automatisch dat de medicatie niet geschikt is.

Vaak is het juist een teken dat het lichaam zich aanpast aan het effect op maaglediging en verzadiging. Een te snelle dosisopbouw kan de kans op klachten vergroten. Rustige opbouw en goede begeleiding zijn daarom belangrijk binnen een medisch verantwoord traject.3


Wat helpt vaak bij milde klachten?

Bij lichte misselijkheid of een vol gevoel helpt het vaak om:

  • rustiger te eten
  • kleinere porties te nemen
  • niet te vet of te zwaar te eten
  • voldoende te drinken
  • goed op eiwitinname te letten

Dat laatste is niet alleen van belang voor energie en herstel, maar ook voor behoud van spiermassa tijdens gewichtsverlies.

Zeker bij diarree of braken is voldoende vochtinname belangrijk. Aanhoudende maag-darmklachten kunnen namelijk leiden tot uitdroging, en officiële productinformatie waarschuwt dat dit ook samen kan gaan met verslechtering van de nierfunctie.5


Wanneer moet je extra opletten?

Hoewel de meeste klachten passen bij gewone opstartverschijnselen, zijn er situaties die daar niet meer bij passen. Denk aan:

  • aanhoudend braken
  • nauwelijks kunnen drinken
  • tekenen van uitdroging
  • hevige buikpijn
  • snel toenemende klachten

In zulke situaties is medisch overleg belangrijk. Niet elke buikklacht is ernstig, maar sommige symptomen vragen wel om snelle beoordeling.


Pancreatitis: zeldzaam, maar belangrijk om te herkennen

Een bijwerking waar vaak over wordt gesproken, is pancreatitis (alvleesklierontsteking). Dit is geen veelvoorkomende klacht, maar het is wel iets om serieus te nemen.

Bij aanhoudende, hevige bovenbuikpijn, vooral in combinatie met misselijkheid en braken, is medische beoordeling nodig. In de officiële productinformatie van semaglutide staat dat semaglutide moet worden gestaakt als pancreatitis wordt vermoed of bevestigd.3


Galblaasklachten en andere zeldzamere problemen

Bij fors gewichtsverlies (onder andere door gebruik van GLP-1-achtige medicatie) kunnen ook galblaasproblemen optreden, zoals galstenen of galblaasontsteking.3

Daarnaast noemen productinformatie en veiligheidsdocumenten ook waarschuwingen rond ernstige overgevoeligheidsreacties.


Hoe zit het met de waarschuwing over de schildklier?

Bij semaglutide-producten zoals Wegovy vermeldt de officiële productinformatie een waarschuwing over schildklier C-celtumoren op basis van dieronderzoek.

Bij mensen is niet vastgesteld dat dit effect op dezelfde manier optreedt, maar semaglutide wordt wel ontraden bij mensen met een persoonlijke of familiaire voorgeschiedenis van:

  • medullair schildkliercarcinoom
  • MEN2 (Multiple Endocrine Neoplasia type 2).3


Oogbijwerkingen: belangrijk om twee dingen uit elkaar te houden

Bij semaglutide zijn er twee verschillende oogonderwerpen die vaak door elkaar lopen.


1. Diabetische retinopathie-complicaties

Bij mensen met diabetes en bestaande diabetische retinopathie kan snelle verbetering van glucosecontrole samenhangen met tijdelijke verergering van retinopathiecomplicaties. Dit staat al langer in de productinformatie van semaglutide.3

Dit betreft netvliesproblemen en is dus een ander mechanisme dan NAION.


2. NAION: een zeer zeldzame, maar ernstige oogzenuwaandoening

NAION staat voor Non-Arteritic Anterior Ischemic Optic Neuropathy. Hierbij ontstaat een plotselinge verminderde doorbloeding van de oogzenuwkop.

Typische klachten zijn:

  • plotseling wazig zien
  • een “sluier” voor het oog
  • gezichtsvelduitval
  • pijnloos verlies van zicht in één oog

NAION komt vaker voor bij mensen met risicofactoren zoals:

  • diabetes
  • hypertensie
  • hypercholesterolemie
  • obstructieve slaapapneu
  • roken.6


Wat zegt de EMA over semaglutide en NAION?

De Europese veiligheidscommissie PRAC van de EMA concludeerde in 2025 dat NAION een zeer zeldzame bijwerking van semaglutide is.1

Dat betekent dat deze bijwerking maximaal 1 op de 10.000 gebruikers kan treffen.

Observationele studies suggereren daarnaast een ongeveer tweemaal hogere relatieve kans op NAION bij mensen met type 2 diabetes die semaglutide gebruiken. Het gaat hierbij om ongeveer 1 extra geval per 10.000 persoonsjaren behandeling.1,7

Belangrijk is dat deze studies geen direct oorzakelijk verband bewijzen. Mensen die semaglutide gebruiken hebben vaak al aandoeningen zoals diabetes, obesitas, hypertensie of slaapapneu, die op zichzelf ook risicofactoren voor NAION zijn. Daarom blijft het absolute risico zeer laag.7

De productinformatie adviseert daarom:

  • bij plotseling verlies van zicht → oogheelkundige beoordeling
  • bij bevestigde NAION → semaglutide staken in overleg met de arts.3


Wat zegt de MHRA?

De Britse medicijnwaakhond MHRA adviseert eveneens dat patiënten met plotseling of gedeeltelijk verlies van zicht tijdens semaglutidegebruik met spoed oogheelkundig onderzocht moeten worden.2

Ook daar geldt: bij bevestigde NAION moet semaglutide worden gestopt.


Hoe zit het met tirzepatide (Mounjaro)?

Tirzepatide werkt anders dan semaglutide: het is een dual GIP/GLP-1-receptoragonist.5

In de huidige Europese productinformatie van Mounjaro staat:

  • waarschuwingen voor maag-darmklachten
  • risico op uitdroging bij braken of diarree
  • voorzichtigheid bij diabetische retinopathie

NAION staat momenteel niet als bijwerking in de EMA-productinformatie van tirzepatide.5

Dat betekent niet automatisch dat er geen risico bestaat, maar wel dat de huidige veiligheidsbeoordeling anders is dan bij semaglutide.


Wanneer moet je direct contact opnemen?

Neem direct contact op met een arts of spoedzorg bij:

  • plotseling wazig zien
  • een sluier voor het oog
  • gezichtsvelduitval
  • snel verslechterend zicht
  • hevige aanhoudende buikpijn
  • aanhoudend braken of tekenen van uitdroging

Voor visusklachten geldt: niet afwachten. Plotseling verlies van zicht is altijd een alarmsymptoom.2


C
onclusie

De meeste bijwerkingen van GLP-1-(achtige) medicatie zijn maag-darmgerelateerd en vaak tijdelijk. Misselijkheid, diarree, verstopping en een vol gevoel komen het meest voor, vooral in de beginfase of na dosisverhoging.

Tegelijk zijn er zeldzame maar belangrijke signalen die niet genegeerd mogen worden, zoals hevige buikklachten, uitdroging en acute visusveranderingen.

Bij semaglutide is NAION vermeld als een potentiële bijwerking.4

NAION inmiddels officieel opgenomen als zeer zeldzame bijwerking in Europese productinformatie.1

Dat maakt goede voorlichting, rustige opbouw en het herkennen van alarmsymptomen extra belangrijk.

 


Bronnen

¹ EMA (PRAC), NAION very rare bijwerking van semaglutide
https://www.ema.europa.eu/en/news/prac-concludes-eye-condition-naion-very-rare-side-effect-semaglutide-medicines-ozempic-rybelsus-wegovy

² MHRA Drug Safety Update, Semaglutide en NAION
https://assets.publishing.service.gov.uk/media/69847cb7468d351e1406b4d2/DSU_-_Semaglutide_and_NAION_-_5_Feb_2026.pdf

³ EMA productinformatie Ozempic (semaglutide)
https://www.ema.europa.eu/en/documents/product-information/ozempic-epar-product-information_en.pdf

JAMA Ophthalmology, Semaglutide en NAION
https://jamanetwork.com/journals/jamaophthalmology/fullarticle/2820255

EMA productinformatie Mounjaro (tirzepatide)
https://www.ema.europa.eu/en/documents/product-information/mounjaro-epar-product-information_en.pdf

StatPearls – Non-Arteritic Anterior Ischemic Optic Neuropathy (NAION)
https://www.ncbi.nlm.nih.gov/books/NBK559045/

CBG-MEB (Nederland), Oogziekte NAION zeldzame bijwerking van semaglutide
https://www.cbg-meb.nl/actueel/nieuws/2025/06/06/oogziekte-naion-is-zeldzame-bijwerking-van-semaglutide

PubMed – Mechanismen van GLP-1 en misselijkheid
https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/30081042/